De game-industrie lanceert de site ‘Rule the game’

2019-01-17T06:11:40+00:00 16 Januari 2019|0 Comments

De game-industrie lanceert vandaag de site ‘Rule the game’ voor ouders die (lichtelijk) gek worden van het geknal en geschiet in de huiskamer. Is dat niet een beetje hypocriet? Negen vragen aan directeur Anne de Jong van brancheorganisatie NVPI Interactief.

Er zijn al allerlei sites voor ouders, zoals ‘www.mediawijsheid.nl’. Waarom nog een?

,,De meeste zijn van de overheid en nogal traditioneel. We wilden een aanvulling op wat er al was, een iets speelsere site, met bijvoorbeeld ook een BN’er als Tanja Jess die uitlegt hoe zij het als moeder aanpakt.’’

Dat de game-industrie nu zelf met een site komt om het gamen te beperken: is dat niet een beetje schijnheilig?

,,Waarom? Ik vind dat we zo juist aantonen dat we onze verantwoordelijkheid nemen en dat we ouders en hun vragen serieus nemen. Wij beseffen als geen ander dat het soms moeilijk is alles bij te benen; zeker als je als ouder zonder games bent opgegroeid.’’

Maar jullie raden ouders op zo’n site vast niet aan de games de deur uit te doen, toch?

,,Nee. We zien een game namelijk niet als probleem maar als gewoon een leuk spel. Een spel dat kinderen, anders dan een bordspelletje, wel vaak ‘uit het zicht’ van hun ouders spelen en daarom ouders ook onzeker kan maken.’’

De game-industrie krijgt veel kritiek. Is dat ook een reden om zo’n site te lanceren?

,,Ik vind de kritiek wel meevallen. Er is inmiddels genoeg aandacht voor de voordelen. Dat kinderen via games leren samenwerken, Engels leren, besluiten leren nemen.’’

Interview gaat verder onder de video. Steven Brunswijk geeft in De Ochtendshow to go zijn mening over de nieuwe gelanceerde website over gameverslaving door de game-industrie. Volgens hem ligt het probleem bij de opvoeding door de ouders en niet de games.

Om een van die kritiekpunten te noemen: kinderen krijgen lichamelijke klachten, worden bijziend, krijgen last van hun rug.

,,Die klachten gelden niet voor games in het bijzonder maar voor alle schermtijd bij elkaar. Ik vind het logisch dat je als ouder de schermtijd beperkt, maar hoe: dat moet iedere ouder écht zelf weten. Ik heb een zoontje van bijna vier die graag YouTube kijkt en dan zeg ik na een tijdje ook: nu iets anders. Daar kan je niet vroeg genoeg mee beginnen.’’

Een ander kritiekpunt: het geweld in games.

,,Die kritiek is met de invoering van de leeftijdsclassificaties van PEGI, de ‘kijkwijzer’ voor games, wel verstomd, vind ik. Wie die kijkwijzer bekijkt, ziet dat er ontzettend veel games zijn zonder geweld. Games die al geschikt zijn vanaf drie jaar.’’

Genoeg jongeren van 14 spelen al Call of Duty terwijl dat volgens de kijkwijzer pas vanaf 18 mag. Volgen de ouders de kijkwijzer wel?

,,Net als je bij een film direct ziet voor welke leeftijd die geschikt is, zie je dat tegenwoordig ook bij een game. Op de verpakking in de winkel of vóór een online-aankoop. De vraag is: kijken ouders wel mee? We raden dat dus wel aan. Kinderen vinden het sowieso leuk als ouders belangstelling voor hun wereld tonen.’’

Op dit moment wordt fel gediscussieerd over die zogenaamde ‘loot-boxes’ en andere dingen die kinderen in een game kunnen kopen. Moeten we daar niet vanaf?

,,Als ouders dit niet willen, kunnen ze er zelf wat aan doen. In een elke game is een instelling waarmee je uitgaven begrenst of blokkeert. Bovendien hebben we sinds kort op games een pictogram – een creditcard met handje – dat ouders waarschuwt als er dit soort aankopen inzitten. Overigens vind je dit soort dingen maar in één op de vier games: het valt dus wel mee.’’

In verslavingsklinieken zien ze steeds meer gameverslaafden. Voelt u zich daar niet verantwoordelijk voor?

,,Er woedt een hele wetenschappelijke discussie of gameverslaving wel bestaat. Wij denken van niet: kinderen vluchten pas in games als er andere problemen spelen. Wel vinden ook wij dat je moet voorkomen dat een kind nog alleen maar met een game op zolder zit. Daar willen we ouders dus bij helpen: maak van jongs af aan goede afspraken.’’

Bron: AD.nl